U bent hier

Ik wil blijven strijden voor een menselijk evenwicht

Edwige Abena uit Kameroen kwam als 20-jarige naar België met een beurs voor geneeskunde

Edwige Abena (50) is afkomstig uit Kameroen en kwam als 20-jarige naar België met een beurs voor geneeskunde. Zij koos uiteindelijk voor toegepaste medische biologie, met nadien een master in de volksgezondheid en daarna een aanvullende master in gezondheid en ontwikkeling. Om die studies te financieren en in haar dagelijkse behoeften te voorzien, werkte ze als poetsvrouw in een woonzorgcentrum. Dit leidde uiteindelijk tot een carrière in de zorgsector.

“Ik kwam naar België met een beurs van de regering om geneeskunde te studeren. Toen ik in Kameroen vertrok, tekende elke student een zogenaamde ‘tienjarige verbintenis’. Je moest dan als afgestudeerde beursstudent naar je land terugkeren om, voor je aan iets anders begon, de staat voor 10 jaar te dienen. Dit was ook een garantie op werk voor tenminste 10 jaar. Twee jaar na mijn aankomst in België, trok de regering in Kameroen deze maatregel echter in.

Nadat ik mijn diploma in de toegepaste medische biologie had behaald, was ik hoe dan ook van plan om terug te keren naar Kameroen en er als onderzoeker mijn eigen labo te starten. Mijn vader, die mij altijd aangemoedigde, stierf aan het eind van mijn studies en na een periode van twijfel besloot ik een nieuwe weg in te slaan. Ondertussen was ik getrouwd en had ik twee kinderen en ik besloot in België te blijven. Eerst zocht ik werk als laborante, maar omwille van mijn statuut als buitenlander waren werkgevers verplicht om eerst een werkvergunning voor mij aan te vragen. De meeste werkgevers haakten daarop af, waardoor ik steeds minder kans maakte om werk te vinden als laborante.

 

In het woonzorgcentrum waar ik als poetsvrouw werkte, moest op een gegeven dag een verpleegster vervangen worden omdat ze ziek was. De directrice heeft toen naar mijn diploma biologie gevraagd, mijn RIZIV-nummer aangevraagd als verpleegkundige, en ook een werkvergunning. Dat was het begin van mijn carrière in de zorgsector. Tegen alle verwachtingen in, werd mijn verzoek voor een RIZIV-nummer afgewezen, terwijl ik al twee maanden als verzorgende werkte. Mijn werkvergunning werd wel goedgekeurd. Maar omdat mijn werk niet in overeenstemming was met mijn diploma, moest ik het woonzorgcentrum verlaten. Van de weeromstuit besloot ik om de opleiding voor verpleegster te volgen, wat een groot succes werd. Het ziekenhuis Edith Cavell bood me al een vaste baan aan toen ik nog maar stagiaire was in het derde jaar. Eindelijk had ik vast werk, maar mijn enthousiasme was van korte duur. Ik moest er werken van 7 tot 11 in de voormiddag en ’s avonds van 16 tot 18 uur. Als je kleine kinderen hebt, is zo’n uurrooster onhaalbaar. Maar men wilde geen uitzondering maken.

Ik heb toen opnieuw gesolliciteerd in een rusthuis, nu als verpleegster. Ik kon er op basis van mijn diploma volksgezondheid meteen starten als hoofdverpleegkundige. Ik was er verantwoordelijk voor een dertigtal personeelsleden en 200 bedden. Ik stond in voor de aanwervingen, de permanente vorming van het personeel, de uurroosters, taakverdeling, planning van de zorg en ook voor het onthaal van nieuwe bewoners. Dat verpleeghuis was gespecialiseerd in de ziekte van Alzheimer. Patiënten werden verdeeld volgens het stadium van de ziekte en het niveau van afhankelijkheid. Ik heb alles samen 15 jaar als zorgmanager gewerkt, in verschillende rusthuizen. Daarna was ik toe aan iets nieuws.

Ondanks mijn opleiding vond ik geen werk

In 2010 ben ik begonnen als zelfstandig verpleegster en de uitbouw van een dienst thuisverpleging. Wij bieden diensten aan zoals een spuit geven, sondes steken, wondverzorging, dialyse, spoelingen, wassen, begeleiding bij Alzheimer, palliatieve zorg, het hele gamma. Sommige patiënten verzorgen we tot het einde van hun leven – mensen met diabetes, dementerenden – andere patiënten maar een korte periode, bijvoorbeeld na een ziekenhuisopname of bij tijdelijke medicatie. Iedereen die zorg nodig heeft, kan ons bellen. Wij werken met het derde-betalerssysteem, waarbij de betalingen en controles via het ziekenfonds verlopen. Ik ben nu niet alleen verantwoordelijk voor de werkplanning, maar ook voor de financies. Dat geeft extra stress (lacht).

Een ander voorbeeld was in een rusthuis bij de aanwerving van een adjunct-directeur. Slechts één sollicitant had de juiste kwalificaties, maar dat was een Afrikaan. Consternatie! Dat zou slecht zijn voor het imago van het rusthuis, vond men, zeker omdat de hoofdverpleegster ook al zwart was. De raad van bestuur heeft toen verschillende vergaderingen gehad met de bewonersraad, de families, de rest van het personeel en uiteindelijk is hij aangeworven. Dat is echt triest. Die man heeft bovendien hard moeten knokken om zich waar te maken!

Racisme is niet het enige probleem, ook godsdienst speelt een rol. Maghrebijnse vrouwen willen bijvoorbeeld enkel door een vrouw verzorgd worden, en mannen vaak enkel door een andere man. Dat vraagt veel overleg. Om samen te werken, moet je toch enige tolerantie hebben. Soms zijn er ook taalbarrières, wanneer iemand geen Frans, Engels of Nederlands spreekt. Ik kan echter niet van elke nationaliteit iemand aanwerven. Dan helpt het dat iemand van de familie vertaalt om ons wegwijs te maken. Gebarentaal is overigens ook een taal.

Een ander probleem is geweld in de zorg, in twee richtingen. Iemand die dement is, durft weleens slaan of spuwen. Dat hoort bij die ziekte, daar moet je mee leren omgaan. Verbaal geweld is soms moeilijker te verdragen. Mensen die je uitschelden omwille van je huidskleur, die misprijzend ‘sale nègre’ naar je hoofd slingeren. Je moet dan kalm blijven, en dan zeg ik bijvoorbeeld: ‘Ik ben hier om u te verzorgen, niet om me te laten beledigen.’ Maar dat doet wel pijn. Andersom maakte ik ook geweld mee van verplegenden tegen ouderen. Ik zag ooit een verpleegster iemand naar de lift brengen, maar die persoon kon moeilijk gaan en zeeg op een gegeven moment neer. Die verpleegster had haar hand vast en viel mee op de grond, waarop ze begon te stampen en riep ‘wil je dat ik mijn rug breek? Jij hebt je leven al gehad, maar ik heb het mijn nog voor me. Sta op! Ik kan u niet dragen!’ Dat was redelijk schokkend. Toen ik diensthoofd was, gebeurden die dingen ook achter mijn rug. Dan kreeg ik klachten via de familie, en zag ik bijvoorbeeld dat die oudere een bovenarm vol blauwe plekken had. Als ik het personeel daarover aansprak, ontkenden ze altijd. Dat vond ik moeilijke situaties.

Tegenkanting is er altijd, maar ik laat me niet ontmoedigen. Het is essentieel dat mensen tolerant leren zijn, verschillen respecteren en leren samenleven. Als mijn patiënten verder vertellen dat ze goed geholpen worden, deint dat uit en hopelijk verdwijnen die vooroordelen dan. Al zijn er altijd mensen die anderen verwerpen, we moeten daar altijd mee blijven praten en hun angsten ontmijnen. Ook al was het in de koloniale tijd gebruikelijk om andere rassen als inferieur te beschouwen, ook al worden vandaag de tegenstellingen met migranten vaak aangewakkerd, ik wil blijven strijden voor een nieuw menselijk evenwicht. Daar moeten we optimist en vastbesloten in blijven.”

Edwige Abena was in 2014 medeoprichter van APEDEF, een vzw voor de gelijkheid en ontwikkeling van vrouwen. Inmiddels is zij voorzitster van deze vzw.
“We richten ons vooral tot kwetsbare vrouwen: alleenstaande moeders, slachtoffers van huiselijk geweld of genitale verminking, vrouwen met borstkanker, enz. Wij werken internationaal, zowel in Europa als in Afrika. Wij brengen vrouwen samen om over hun situatie te praten, we doen activiteiten, organiseren trainingen, sporten samen, organiseren liefdadigheidsmaaltijden, enz. In deze context ben ik ook bezig met mode. Om geld voor de vzw op te halen, ontwerp ik zelf kleren en organiseer ik samen met stylisten defilés. Ik wil blijven vechten voor vrouwenrechten en voor gendergelijkheid.”
Lees ook 

Angélique Mayele-Wamituma nodigt iedereen uit om elkaar en elkaars cultuur te leren kennen.

Lees meer
verhaal

Espérance Nyirantereye werkt als intercultureel bemiddelaar: 'Je echte diploma zit in je hoofd'

Lees meer
verhaal

Hélène Mavar doctoreerde op een onderzoek naar medicinale planten.

Lees meer
verhaal
verhalenvertellers op wandel

Hoe kunnen we verschillen koesteren, discriminatie tegengaan en leren omgaan met diversiteit?

Welzijn
cover cahier

Wat betekent het om zorg te krijgen in een totaal andere context dan waar je ooit geboren en getogen bent?

Welzijn
stapel cahiers

Onze reeks cahiers maakt de vernieuwing-op-het-terrein mee zichtbaar.

Welzijn
Wonen
Zorg